top of page

Waar ik naar zocht, vond ik in het niet-weten

Writer: Kathalijn Vergeer
Kathalijn Vergeer
Sep 5
4 min read

De eerste echo

Zes weken en vijf dagen zwanger. Zo precies kan geluk zijn.

Omdat de inseminatie gepland was, wisten we de termijn exact. Bij een inwendige echo verwacht je dan een embryo te zien — misschien zelfs al een hartje dat klopt.

Terwijl de echoscopiste de transducer bewoog, keek ik naar het scherm. Ik wist niet precies waar ik naar moest kijken, maar voelde meteen dat er iets niet klopte.

Een vruchtzak. Verder niets.


Nog voor ze iets zei, verstijfde mijn lichaam. Mijn ademhaling veranderde. Er viel een stilte die langer duurde dan hij waarschijnlijk was.


‘Ik ben niet positief,’ zei ze uiteindelijk.


Soms ontwikkelt een zwangerschap zich later dan verwacht. Ik moest een week later terugkomen voor een nieuwe echo.


Een week tussen twee werkelijkheden

Die week bleek groter dan de zeven dagen die hij duurde.

Aan de buitenkant veranderde er weinig. Ik werkte, voerde gesprekken, bracht Jonas naar bed, deed boodschappen, kookte.

Vanbinnen draaide alles om één vraag: komt er volgende week wél een embryo in beeld?


Ik zocht houvast in informatie. Las medische richtlijnen, verhalen van vrouwen bij wie een week later toch een hartje zichtbaar werd, en meteen daarna weer de statistieken die iets anders vertelden — alsof ik met genoeg kennis de uitkomst nog kon beïnvloeden.


Ondertussen voelde mijn lichaam zwanger: moe, misselijk, gevoelige borsten.

Ik kon nog niet rouwen, want het was nog niet definitief. Ik kon ook niet voluit hopen, want ik had gezien wat ik had gezien. Er was een week waarin ik het antwoord nog niet had en mijn leven ondertussen gewoon doorging.

Ik denk nog vaak aan die week, die niet bij een week bleef. Niet omdat het verdriet er nog is — dat heeft inmiddels een plek gekregen — maar omdat ik er achteraf iets in herken wat veel groter bleek dan die ene situatie.


De plek waar nog geen antwoord is

We willen graag weten waar we aan toe zijn. Zodra iets onzeker wordt, zoeken we een verklaring, een plan, iemand die zegt hoe het zit.

Toch zijn er momenten waarop je de uitkomst niet naar je toe kunt denken. Dan kun je alleen aanwezig blijven bij wat er op dat moment werkelijk is, ook al is dat niets meer dan een vraag zonder antwoord.

De echo leek een spiegel wat de kern werd van mijn boek  Nieuw Houvast.


Wat houvast voor mij ging betekenen

Ik dacht dat ik een boek over verandering ging schrijven: over wat er gebeurt wanneer het houvast waarop je vertrouwde wegvalt en je nog niet weet wat daarvoor in de plaats komt.


Maar hoe langer ik schreef, hoe minder me het antwoord interesseerde. Wat bleef trekken was de tussentijd zelf: het moment waarop je iets al voelt, terwijl je nog niet precies kunt zeggen wat het is. Je weet dat het oude niet meer helemaal klopt, terwijl het nieuwe zich nog niet heeft laten zien. Daar herkende ik ineens iets van die week na de echo in.


Ik had houvast altijd verbonden met zekerheid: weten waar je aan toe bent, een richting kunnen aanwijzen, een volgende stap kunnen benoemen. Die week had me al iets anders laten zien. Houvast kan ook betekenen dat je blijft staan terwijl je het nog niet weet. Dat je een vraag kunt verdragen zonder hem meteen op te lossen. Dat je kunt doorleven terwijl de betekenis van wat er gebeurt nog openligt.


Van mijn verhaal naar een bredere vraag

Het boek begon bij mijn eigen ervaringen — bij momenten waarop een zekerheid wegviel en ik opnieuw moest ontdekken hoe ik me tot een veranderde werkelijkheid kon verhouden.

Tijdens het schrijven werd mijn eigen verhaal steeds vaker een ingang naar een bredere vraag. Ik begon dezelfde beweging ook buiten mezelf te herkennen.

In mijn werk met organisaties die merken dat een vertrouwde manier van werken niet meer past. In mensen die voelen dat een overtuiging die ooit houvast gaf, niet meer aansluit bij wat ze nu ervaren. In situaties waarin iedereen weet dat er iets moet veranderen, terwijl niemand nog weet hoe.

Wat gebeurt er wanneer het oude niet meer werkt en het nieuwe er nog niet is? Die vraag werd steeds meer het hart van Nieuw Houvast.


Het boek bracht me verder

Op een gegeven moment merkte ik dat het boek zelf een tussenstation was geworden. Het gaf woorden aan iets wat ik al langer voelde, maar waarvan ik het verband nog niet kon zien. Tijdens het schrijven ontstonden nieuwe beelden en ideeën. Dodo kreeg een plek, Didi ontstond, er kwamen principes en werkvormen bij, en steeds opnieuw kwam ik terug bij diezelfde beweging tussen het oude en het nieuwe.


Achteraf zie ik dat het schrijven niet alleen de lege bladzijden in een boek vulde. Het bracht me verder in mijn eigen denken. De richting lag er niet vooraf. Ik vond haar door te schrijven, te kijken en opnieuw te beginnen — op precies dezelfde manier waarop ik in die week tussen de twee echo’s ontdekte dat ik de uitkomst niet kon afdwingen, alleen dragen.


Een wereld die vraagt, nog geen antwoord paraat. Slechts de ruimte tussen wat was en wat ontstaat.

De ruimte tussen wat was en wat ontstaat

Tijdens het schrijven van een Nieuw Houvast bleef die vraag bij me. Er was intussen een hele wereld ontstaan aan beelden, ideeën en ontmoetingen, maar nog geen naam voor de plek waar dat samenkwam.

Er waren namen die net niet klopten, tot ik bij NOHARA uitkwam. Eerst was er alleen het woord. Het voelde goed — alsof het een plek aanduidde waar ik naartoe wilde, zonder dat ik precies wist wat die plek was. Pas later ontdekte ik dat NOHARA in het Japans ‘open veld’ betekent. Typerend eigenlijk: eerst is er iets wat me aantrekt, pas daarna wordt duidelijk wat het betekent.


Zo werd NOHARA de naam voor de ruimte waarin mijn zoektocht verderging. De plek waar je nog niet weet wat er komt, terwijl er al wel iets in beweging is.

Ik begon met de vraag hoe je opnieuw houvast vindt wanneer het oude wegvalt. Ik eindigde bij een andere vraag: wat gebeurt er wanneer je de tussenruimte niet te snel probeert te vullen?

Daar vond ik het niet-weten en andere spanningsvelden. En daar bleek ruimte te zitten voor iets wat zich nog niet had laten zien.




 
 
 

Comments


bottom of page